Terug naar home pagina
Raadpleeg de Bibliotheek

Het planten van struiken

Bomen en heesters > Struiken > Het planten van struiken
Contactgegevens
Delen

Om een goede groei van al uw bomen en struiken te waarborgen, zowel voor sierbomen en –struiken als voor fruitbomen, is het wenselijk om de volgende aanbevelingen te volgen :

1.De plantperiode :
Voor bomen en struiken die met naakte wortels in de grond worden geplant, van oktober tot maart;
voor bomen en struiken met kluit of die in containerpotten wordt geplant, van september eind mei.
Niettemin is het wenselijk om in de herfst te planten omdat de planten zich op die manier voor de winter kunnen inwortelen in een bodem die nog betrekkelijk warm is.
Het spreekwoord zegt : „ Met Sint Katrien opgenomen, heeft het hout wortel geschoten ".

2. Geef ruimte:
De ruimte die men moet voorzien is afhankelijk van de ontwikkeling van de struiken op volwassen leeftijd en van het doel van de aanplanting.
In een massief : van 0,60 tot 1,50 m afhankelijk van de plant.
Op een helling of aan een rand : van 0,40 tot 0,60 m.
In hagen: over het algemeen van 0,60 tot 0,80 m
Voor planten zoals de meidoorn, berberis, rozenstruiken..., rekent men 0,30 tot 0,40 m wanneer de planten op slechts één rij worden geplaatst en 0,40 tot 0,60 m wanneer de planten in een vierkant met een 5-tal planten worden gezet.

3. Hoe diep en hoe breed ingraven?
U dient een voldoende groot gat te voorzien. Ideaal is een put te voorzien die 20 cm dieper en 30 cm breder is dan de kluit of de wortels van het te planten onderwerp. Op deze wijze, kunnen de wortels zich uitstekend en zonder problemen ontwikkelen.

4. Struiken met naakte wortels en kwetsbare bladeren:
Struiken die met naakte wortels worden geplant, en die kwetsbare bladeren hebben moeten "aangekleed" worden. Dit wil zeggen : de lengte van de takken en vooral van de wortels moet verminderd worden. Dit zal de productie van wortelvezels bevorderen.
Het is eveneens nuttig om de naakte wortels te dompelen in een mengeling van kleiachtige aarde en water verrijkt met een hormoon dat de wortelvorming bevordert ( Bordeauxse pap). Planten met kluiten of in container moet men bevochtigen door ze gedurende 10 à 15 minuten onder te dompelen in een emmer water.

5. Compost onder in de kuil
Onder in de kuil brengt men een compostlaag aan van 10 cm. Deze compostlaag moet een mengeling zijn van aarde, of potaarde en compost in een verhouding van 2/3 - 1/3, en verrijkt met organische meststoffen die zijn aangepast aan de plant in kwestie.

6. Leistokken
Wanneer lei stokken noodzakelijk zijn, moet men deze plaatsen alvorens te planten, de beste richting om risico's te vermijden is onder de wind. ( westkant)


7. Opgelet voor luchtzakken
De struik voorzichtig planten, de kuil opvullen met hetzelfde mengsel dat op de bodem van de kuil werd aangebracht en opletten dat men geen luchtzak creëert ter hoogte van de wortels. Hiervoor schudt men de stengel enigszins van beneden naar boven, stampt men de aarde goed aan en giet men overvloedig.

8. Enkele tips
Over het algemeen stopt men de plant in de grond tot op het merkteken dat door de aarde op de stam werd afgetekend. Voor de fruitbomen, zal de entplaats zich niet onder de grond bevinden, wat voor de rozenstruiken wel het geval zal zijn.
Een klein bevloeiingsgootje aanleggen rond de voet, dit is vooral belangrijk op zandgronden.

9. Water en bemesting
Het eerste jaar, moet men overvloedig gieten in periodes van droogte. De drie eerste jaren, aard men de struik aan met compost of mulch tijdens de lente, opdat de wortels goed zouden gedijen. Specifieke meststoffen kunnen dan toegevoegd worden.