
- Promoties, wedstrijden, studies
- De tuinen van Ivo Pauwels
- Kredieten
- Tuin - en landschaparchitecten
- Snoeien en vellen van bomen
- Tuinaanleg en onderhoud
- Bomen en heesters
- Bloemen en planten
- Moestuin
- Ecologie in mijn tuin
- Gazon, siergras, grasperken
- Bestrijdingsmiddelen
- Tuinmachines
- Tuingereedschap
- Irrigatie & besproeiing
- Putboringen
- Tuinbenodigdheden
- Onderhoudsadviezen
- Tuinkalender per maand
De vijanden van onze rozenstruiken
Bladluizen en ziektes zijn de grote vijanden van de rozelaars. Bladluizen komen voornamelijk voor op jonge planten en scheuten waarvan zij het beschermende vlies doorboren om het sap te bereiken. Hun aanwezigheid zal uiteindelijk leiden tot het sterven van de jonge scheuten, blaren en bloemknoppen waarop men hen aantreft. Zij komen voor in de vorm van een groenachtige en soms rode massa.
De bladluizen
Men kan bladluizen ofwel preventief behandelen door een aangepast insecticide te gebruiken, ofwel kan men onmiddellijk bij het verschijnen van de bladluizen de planten behandelen met een contact product dat men laat inwerken. De preventieve behandeling moet vanaf de lente gebeuren en het ideale is de behandeling om de 3 weken te herhalen tot aan de zomer.
Een andere parasiet die de rozenstruiken bedreigt is de scharlakenluis. Zij leven in kolonies op de stengels van de planten en zuigen, door middel van een spitse buis, die ze in de stengels inbrengen, hun voedsel uit de plant. De rozenstruiken worden op die manier volledig leeggezogen, de blaren worden geel en de takjes drogen uit door het verdwijnen van het sap en door de overwoekering door de kolonie parasieten.
Met behandelt de struiken bij voorkeur in de winter, met een gele olie, behalve wanneer deze parasiet zich door het jaar manifesteert, dan moet men onmiddellijk de planten behandelen.
De ziektes.
1. Echte meeldauw
Op stengels en blaren verschijnt er een witachtig poeder dat wordt gevormd door het mycelium en de conidiophores van de paddestoel. De aangetaste blaren ontwikkelen zich slechts gedeeltelijk en de kroonblaadjes hebben de neiging om zich langs de centrale nerf naar boven toe op te rollen. Op de bloemknopen ziet men duidelijk de vorming van een witachtige mof. De bloemknoppen ontwikkelen zich niet verder en vervormen.
Deze ziekte ontwikkelt zich zeer snel bij een temperatuur tussen 20° en 30°C.
Om de ziekte te bestrijden dient men :
• sterke, weinig gevoelige rozenvariëteiten gebruiken
• de aangetaste delen van de plant en alle aangetast tuinafval verbranden
• preventief de planten om de 2 weken met gespecialiseerde producten behandelen. Voor een betere doeltreffendheid sproeit men het best met combinatie van producten te krijgen in de handel. Men moet zeer zorgvuldig het volledige gebladerte besproeien.
Wanneer de plant reeds aangetast is, kan men in de gespecialiseerde handel terecht voor een aangepast insecticide.
2. Sterroetdauw.
Deze ziekte veroorzaakt min of meer ronde vlekken waarvan de kleur varieert van paarsachtig tot bruin-zwart. De vlekken kunnen een doorsnede van 1 cm bereiken, en vertonen soms een geelachtige krans; de blaren kunnen geel worden en afvallen. Deze ziekte leidt tot een algemene verzakking van de plant.
Om de ziekte te bestrijden dient men :
• de afgevallen blaren niet op de grond laten liggen en zeker vernietigen voor de winter.
• de planten vanaf juni preventief met een schimmelwerend middel behandelen en dit om de 10 tot 15 dagen.
3. Roest.
Deze ziekte manifesteert zich voornamelijk aan de binnenkant van de blaren. Zij manifesteert zich eerst als een soort van gele tot oranje poederachtige etterbolletjes die later bruinachtig worden. Deze etterbolletjes kunnen voorkomen op de scheuten, de stengels en de bloemsteeltjes.
Om de ziekte te bestrijden dient men :
• sterke rozenvariëteiten gebruiken die weinig gevoelig zijn voor ziektes
• de planten om de 15 dagen preventief behandelen met een gespecialiseerd middel.
Opmerking: een goed gevoede plant is veel meer bestand tegen deze ziektes. Daarom moet men de rozenstruiken regelmatig bemesten.
Victor Jadin.
Gebruik onze datazoeker.



